Soorten ritmestoornissen
Te snel (tachycardie)
- Boezemfibrilleren — meest voorkomend, onregelmatig en snel
- SVT (supraventriculaire tachycardie) — plots snelle maar regelmatige hartslag, stopt vaak even plots
- Ventriculaire tachycardie — gevaarlijke snelle slag vanuit de hartkamers, kan leiden tot flauwvallen
- Ventrikelfibrilleren — levensbedreigend, hart pompt niet meer, hartstilstand
Te traag (bradycardie)
- Sinusbradycardie — hartslag onder 60/min, bij sporters normaal maar kan ook pathologisch zijn
- Hartblok — vertraagde of geblokkeerde geleiding tussen boezems en kamers
Symptomen
- Hartkloppingen, bonkend hart of "overslagen"
- Duizeligheid of flauwvallen
- Kortademigheid
- Pijn op de borst
- Extreme vermoeidheid
Diagnose
Een ECG tijdens de aanval is het meest informatief. Omdat ritmestoornissen vaak episodisch zijn, gebruikt de cardioloog een Holter-monitor (24-48u) of een event recorder (draagt u weken) om de storing te "vangen".
Behandeling
- Medicatie: antiaritmica, bètablokkers, bloedverdunners
- Ablatie: katheterbehandeling die de abnormale elektrische bron vernietigt
- Pacemaker: bij te trage hartslag
- ICD (implanteerbare defibrillator): bij levensbedreigende kamerritmestoornissen